De verkiezingen naderen, en de keuze voor een politieke partij zegt veel over hoe we de toekomst van Nederland zien. Voor wie gelooft in nationale zeggenschap, democratische controle en het behoud van onze eigen identiteit, is D66 geen vanzelfsprekende keuze. Sterker nog: D66 vertegenwoordigt een visie waarin Nederland steeds meer opgaat in een federaal Europa, ten koste van onze autonomie.
D66 presenteert zich als progressief, internationaal georiënteerd en toekomstgericht. Maar achter die façade schuilt een overtuiging die voor veel Nederlanders problematisch is: het streven naar méér macht voor Brussel, en minder voor Den Haag. De partij pleit openlijk voor een federale Europese Unie. Dat betekent dat Nederland bevoegdheden afstaat op cruciale terreinen zoals financiën, migratie, defensie en buitenlands beleid.
Neem bijvoorbeeld de EU-steunfondsen en gezamenlijke schulden. D66 steunde deze maatregelen, waardoor Nederlandse belastingbetalers mede garant staan voor financiële risico’s van andere lidstaten. Op het gebied van migratie wil de partij een gezamenlijk Europees asielbeleid, wat de nationale controle op onze grenzen beperkt. En op defensiegebied pleit D66 voor een Europese krijgsmacht, waarmee Nederland zijn militaire soevereiniteit deels uit handen geeft.
Voor wie gelooft in een Nederland dat zelf beslist over zijn wetten, grenzen en budget, is dit een fundamenteel conflict. D66 lijkt deze zorgen niet serieus te nemen. Kritiek op de EU wordt vaak weggezet als populisme, terwijl het juist gaat om legitieme vragen over transparantie, democratische controle en nationale identiteit.
De technocratische benadering van D66 versterkt dit gevoel van afstand. Burgers voelen zich steeds minder gehoord, terwijl beleid wordt bepaald door internationale commissies en verdragen. De partij zegt te staan voor vooruitgang, maar die vooruitgang lijkt vooral ten goede te komen aan stedelijke elites, terwijl regio’s en middenklasse achterblijven. Klimaatmaatregelen, EU-bijdragen en internationale verplichtingen zorgen voor stijgende kosten, zonder dat burgers daar directe invloed op hebben.
Stemmen op D66 betekent kiezen voor méér Brussel, méér internationale bemoeienis, en minder nationale controle. Voor wie vóór Nederland kiest — voor een land dat zijn eigen koers bepaalt, zijn eigen wetten maakt en zijn eigen belangen verdedigt — zijn er betere alternatieven. Kritisch zijn op Europa is geen achteruitgang. Het is een pleidooi voor democratie, transparantie en zelfbeschikking.
